Klachtenregeling

De medewerkers van onze school doen hun best het onderwijs aan uw kind zo goed mogelijk te verzorgen en het verblijf van uw kind op school zo plezierig en veilig mogelijk te laten zijn. Dat past bij een correcte en zorgvuldige manier van omgaan met elkaar. Maar overal waar gewerkt wordt, worden af en toe fouten gemaakt. Over de gevolgen hiervan kan, in eerste instantie, het best met de leerkracht en/of andere directbetrokkenen worden besproken. De leerkracht probeert samen met de leerling of zijn/haar ouders/verzorgers een oplossing te vinden.

Mocht u het gevoel krijgen dat u niet serieus genomen wordt of dat er niet goed naar u geluisterd wordt, dan kunt u de zaak bespreken met de directie of met de interne contactpersoon van de school die door het bestuur is aangesteld voor de behandeling van klachten.

De interne vertrouwenspersonen zijn er voor het belang van de leerlingen en de ouders/verzorgers. Op onze school zijn dat:

Atie Dullaart (IB); atie.dullaart@pcpomiddenbrabant.nl
Marlene Anssems (groepsleerkracht groep 5); marlene.anssems@pcpomiddenbrabant.nl

De interne vertrouwenspersoon bespreekt met u wat u zelf kunt doen om tot een oplossing te komen. In elk geval zal de interne vertrouwenspersoon u wijzen op de mogelijkheid om de externe vertrouwenspersonen in te schakelen. Als de groepsleerkracht van uw kind tevens de interne vertrouwenspersoon van de school is, dan kunt u direct met de directie overleggen. Ook kan het bestuur worden ingeschakeld.

PCPO beschikt ook over een externe vertrouwenspersoon.

De externe vertrouwenspersoon voor alle PCPO-scholen is mevrouw A. de Koning van De Koning Vertrouwenszaken.
Haar telefoonnummer is: +31 6 41167134 en e-mailadres: annette@dekoningvertrouwenszaken.nl of info@dkz.nl.

De externe vertrouwenspersoon is onafhankelijk en zal een gesprek vertrouwelijk behandelen. Zij kan advies geven, nagaan of er mogelijkheden zijn om tot een oplossing te komen en zo nodig verwijzen naar hulpverlenende instanties.

U kunt een beroep op de externe vertrouwenspersoon doen als er problemen zijn, van welke aard dan ook, waar u of uw kind niet met de groepsleerkracht, met de interne vertrouwenspersoon of met anderen over durft of wilt praten. Het gesprek is vertrouwelijk en er worden geen stappen gezet zonder uw toestemming of die van uw kind.

Als alle genoemde mogelijkheden, ondanks de activiteiten van de beide contactpersonen en het inschakelen van het bestuur niet tot een oplossing leidt, kan de externe vertrouwenspersoon u vertellen hoe u de klacht schriftelijk kunt indienen bij de landelijke klachtencommissie van de GCBO (Geschillen Commissies Bijzonder Onderwijs).

Het adres is:

Stichting GCBO
Postbus 82324
2508 EH Den Haag
T 070- 3861697
e-mail: info@gcbo.nl
Website: www.gcbo.nl

Samengevat:

  1. Altijd eerst overleg met de groepsleerkracht:
  • Indien dit onvoldoende resultaat heeft, verwijzing naar directie of interne vertrouwenspersoon;
  1. Overleg met de directie of met de vertrouwenspersoon:
  • Bij onvoldoende resultaat wordt verwezen naar het bestuur.
  1. De directeur wijst op de mogelijkheid de interne vertrouwenspersoon in te schakelen;
  • de interne vertrouwenspersoon wijst op de mogelijkheid de externe vertrouwenspersoon in te schakelen;
  1. Overleg met het bestuur:
  • Het bestuur wijst de klager altijd op de mogelijkheid de externe vertrouwenspersoon in te schakelen;
  1. Overleg met de externe vertrouwenspersoon
  • Geven van advies, nagaan van mogelijkheden om tot een oplossing te komen en zo nodig verwijzen naar hulpverlenende instanties.
  • Mocht dit niet voldoende zijn, dan kan verwezen worden naar de onafhankelijke klachtencommissie, die behulpzaam zijn bij het indienen van de klacht.
  1. Schriftelijk indienen van de klacht bij de landelijke klachtencommissie:
  • In de wet zijn ook bepalingen opgenomen hoe directie en personeel van een school moet handelen als zij weten of vermoeden dat een zedenmisdrijf is gepleegd, door iemand die op school taken uitvoert.
  • Directie en personeel zijn verplicht hiervan direct het bestuur op de hoogte te stellen.
  • Het bestuur overlegt met de vertrouwensinspecteur.
  • Als het bestuur en de vertrouwensinspecteur oordelen dat inderdaad sprake is van een (vermoeden van) zedenmisdrijf, doet het bestuur hiervan aangifte bij de politie.